| Programma-overzicht MSG Congres 2010 |
|
-- Klik op inleiding voor een korte toelichting op het thema, -- |
|
-- Voor de abstracts en indeling van de rondes klikt u op Indeling. -- |
|
Centrale opening |
| 9:30-9:45 uur |
Centrale opening door voorzitters van het MSG in samenwerking met het Lilianefonds |
|
|
|
| |
| 9:45-10:30 uur |
Keynotespreker:Prof. dr. H. Bekkering - Motoriek is meer dan bewegen |
|
|
Motoriek is meer dan bewegen
Dat mensen een zeer geavanceerd bewegingsapparaat hebben dat ons in staat stelt om fijne, doelgerichte beweging uit te voeren, is bekend. Zo weten we bijvoorbeeld veel over hoe hierarchische structuren in de hersenen het mogelijk maken om doelgerichte bewegingen te plannen en uit te voeren. Echter, ons motorieksysteem doet meer. De centrale stelling van deze lezing is dat ons motorisch systeem de basis van cognitie in het algemeen is. Ik zal beginnen te beschrijven waarom steeds meer onderzoekers geloven dat alle denkprocessen (o.a. taal en mathematische processen) gebaseerd zijn op directe motorische en sensorische ervaringen, de zogenaamde “embodied cognition” opvatting. Daarna zal ik recente neurocognitieve experimenten bespreken die onderzoeken wat de rol van motoriek is bij het begrijpen van gesproken en gelezen taal. Zo zal ik bijvoorbeeld laten zien dat u uw nieuwe buurman uit een ander deel van het land beter verstaat als u probeert zijn dialect na te doen. Ook zal ik enkele recente bevindingen bespreken die laten zien hoe het beoordelen van cijfers samenvalt met het grijpen van een object, aangezien een belangrijke basis van beide processen waarschijnlijk “grootte” is. Ten slotte zal ik poneren dat de basis van alle sociale cognitie -- de denkprocessen die u gebruikt in sociale interacties -- ook ligt in het activeren van het eigen motorsysteem. Oftewel, u weet wat uw vriend van plan is doordat uw motorsysteem een simulatie maakt van de waargenomen handeling. Dat u daarnaast ook kan reflecteren wie en wat uw vriend is, is waarschijnlijk waar, maar de basis voor het begrijpen van anderen en de motor achter zogenaamde hogere denkprocessen ligt in het motor systeem.
|
| |
|
Verbinding tussen kliniek en wetenschap |
| 11:00-12:15 uur |
Ronde 1 |
|
|
|
| |
| 13:15-14:45 uur |
Ronde 2 |
|
|
|
| |
| 15:30-16:30 uur |
Ronde 3 |
|
|
|
| |
|
Onbegrepen Lichamelijke Klachten |
| 11:00-12:15 uur |
Ronde 1 |
|
|
Wat zijn onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten (OLK)?
Huisartsen en medisch specialisten komen vaak in aanraking met patiënten die lichamelijke klachten hebben die, ook na een uitgebreid onderzoek, niet verklaard kunnen worden door een medische diagnose. De klachten bestaan dus zeker wel, maar blijven onverklaard. De percentages mensen bij wie dit het geval is, zijn in diverse onderzoeken erg hoog, vaak boven de 50% van alle bezoekers van de huisarts of de betreffende poli in het ziekenhuis (bijvoorbeeld interne geneeskunde, neurologie of dermatologie).
Het is belangrijk dat iedereen - zowel patiënt als behandelaar - zich realiseert dat het uitblijven van een verklaring niet betekent dat de patiënt de klachten verzint of zich slechts inbeeldt. De klachten worden wel degelijk echt ervaren en zorgen wel degelijk voor veel last. Ze zijn dus net zo echt als klachten die wel verklaard kunnen worden. Als klachten niet lichamelijk verklaard kunnen worden, betekent het niet dat ze dus psychisch verklaard kunnen worden. Dat kan pas als daar aanwijzingen voor zijn gevonden. Het kan natuurlijk dat psychische factoren wel een rol hebben gespeeld bij het ontstaan van de klachten. Ook kan het dat psychische factoren juist een gevolg zijn van de klachten, bijvoorbeeld als iemand door chronische rugklachten beperkt is in zijn mobiliteit, minder buiten de deur kan komen, minder contacten met anderen heeft dan voorheen en zich daardoor meer eenzaam en onbegrepen is gaan voelen. Een andere mogelijkheid is dat er naast de lichamelijke ook psychische problemen bestaan, maar dat deze geen (directe) relatie met elkaar hebben.
De laatste jaren is er in toenemende mate aandacht voor militairen met lichamelijke klachten die onvoldoende verklaard zijn ondanks uitgebreid onderzoek. Militairen kunnen na uitzending kampen met dergelijke klachten. Uit studies blijkt dat in de eerste maanden na uitzending dit bij 5-20% van de militairen voorkomt. De klachten zijn zeer divers: meest genoemde klachten zijn vermoeiheid, hoofdpijn, spier- en gewrichtspijn, darmklachten, aspecifieke stemmingswisselingen en slaapproblemen. Deze klachten kunnen horen bij angstproblemen en depressie, maar worden er regelmatig niet voldoende door verklaard. Het is vaak vervelend om te moeten incasseren dat er geen duidelijke oorzaak kan worden gevonden. Patiënten met deze klachten ondervinden vaak dagelijks de gevolgen van hun lichamelijke klachten. Gelukkig bestaat er wel een behandeling voor onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten. Deze gaat in op de gevolgen die mensen ondervinden van hun klachten, op hoe zij met de klachten omgaan, op hoe zij over de klachten en zichzelf denken. Deze behandeling is in wetenschappelijk onderzoek getoetst en effectief bevonden. Overigens kan het natuurlijk ook zo zijn dat militairen onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten hebben, zonder dat zij op uitzending zijn geweest.
|
| |
| 13:00-15:00 uur |
Ronde 2 |
|
|
Wat zijn onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten (OLK)?
Huisartsen en medisch specialisten komen vaak in aanraking met patiënten die lichamelijke klachten hebben die, ook na een uitgebreid onderzoek, niet verklaard kunnen worden door een medische diagnose. De klachten bestaan dus zeker wel, maar blijven onverklaard. De percentages mensen bij wie dit het geval is, zijn in diverse onderzoeken erg hoog, vaak boven de 50% van alle bezoekers van de huisarts of de betreffende poli in het ziekenhuis (bijvoorbeeld interne geneeskunde, neurologie of dermatologie).
Het is belangrijk dat iedereen - zowel patiënt als behandelaar - zich realiseert dat het uitblijven van een verklaring niet betekent dat de patiënt de klachten verzint of zich slechts inbeeldt. De klachten worden wel degelijk echt ervaren en zorgen wel degelijk voor veel last. Ze zijn dus net zo echt als klachten die wel verklaard kunnen worden. Als klachten niet lichamelijk verklaard kunnen worden, betekent het niet dat ze dus psychisch verklaard kunnen worden. Dat kan pas als daar aanwijzingen voor zijn gevonden. Het kan natuurlijk dat psychische factoren wel een rol hebben gespeeld bij het ontstaan van de klachten. Ook kan het dat psychische factoren juist een gevolg zijn van de klachten, bijvoorbeeld als iemand door chronische rugklachten beperkt is in zijn mobiliteit, minder buiten de deur kan komen, minder contacten met anderen heeft dan voorheen en zich daardoor meer eenzaam en onbegrepen is gaan voelen. Een andere mogelijkheid is dat er naast de lichamelijke ook psychische problemen bestaan, maar dat deze geen (directe) relatie met elkaar hebben.
De laatste jaren is er in toenemende mate aandacht voor militairen met lichamelijke klachten die onvoldoende verklaard zijn ondanks uitgebreid onderzoek. Militairen kunnen na uitzending kampen met dergelijke klachten. Uit studies blijkt dat in de eerste maanden na uitzending dit bij 5-20% van de militairen voorkomt. De klachten zijn zeer divers: meest genoemde klachten zijn vermoeiheid, hoofdpijn, spier- en gewrichtspijn, darmklachten, aspecifieke stemmingswisselingen en slaapproblemen. Deze klachten kunnen horen bij angstproblemen en depressie, maar worden er regelmatig niet voldoende door verklaard. Het is vaak vervelend om te moeten incasseren dat er geen duidelijke oorzaak kan worden gevonden. Patiënten met deze klachten ondervinden vaak dagelijks de gevolgen van hun lichamelijke klachten. Gelukkig bestaat er wel een behandeling voor onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten. Deze gaat in op de gevolgen die mensen ondervinden van hun klachten, op hoe zij met de klachten omgaan, op hoe zij over de klachten en zichzelf denken. Deze behandeling is in wetenschappelijk onderzoek getoetst en effectief bevonden. Overigens kan het natuurlijk ook zo zijn dat militairen onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten hebben, zonder dat zij op uitzending zijn geweest.
|
| |
|
Traumatologie en de rol van de specialist |
| 11:00-12:00 uur |
Ronde 1 |
|
|
|
| |
| 13:30-15:00 uur |
Ronde 2 |
|
|
|
| |
| 15:30-16:30 uur |
Ronde 3 |
|
|
|
| |
|
Chronische overbelastingsklachten bij fysiek zware arbeid |
| 11:00-12:00 uur |
Ronde 1 |
|
|
|
| |
| 13:30-14:30 uur |
Ronde 2 |
|
|
|
| |
| 15:30-16:30 uur |
Ronde 3 |
|
|
|
| |
|
Abstractprogramma Klinisch Redeneren |
| 11:00-12:30 uur |
Ronde 1 |
|
|
|
| |
| 13:30-15:00 uur |
Ronde 2 |
|
|
|
| |
| 15:30-17:00 uur |
Ronde 3 |
|
|
|
| |
|
Abstractprogrmama Muscoloskeletaal |
| 11:00-12:20 uur |
Ronde 1 |
|
|
|
| |
| 13:30-15:00 uur |
Ronde 2 |
|
|
|
| |
| 15:30-17:00 uur |
Ronde 3 |
|
|
|
| |
|
Workshop Tips voor het schrijven van een thesis |
| 11:00-12:15 uur |
Ronde 1 |
|
|
|
| |
| 13:15-14:30 uur |
Ronde 2 |
|
|
Deze workshop staat stil bij de knelpunten die collegae ervaren als een eindproduct voor de master opleiding moet worden geschreven. U kunt ervaren welke knelpunten collegae hebben en hoe die het best kunnen worden aangepakt. Veel tijd gaat verloren door onjuiste zoekstrategieën, onduidelijke vraagstelling, het schrijven van een discussie paragraaf die onvoldoende afgestemd is op de vraagstelling etc. |
| |
|
Workshopprogramma |
| 11:00-12:15 uur |
Ronde 1 |
|
|
|
| |
| 13:15-14:30 uur |
Ronde 2 |
|
|
|
| |
| 15:00-16:15 uur |
Ronde 3 |
|
|
|
| |